Bij controles in de vleesverwerkende industrie ziet de Arbeidsinspectie weinig verbetering van de veiligheid van werknemers. In 2009 en begin 2010 was bij meer dan de helft (54 procent) van de onderzochte bedrijven iets mis. In 2005 was dat 61 procent. Vooral het ontbreken van beschermkappen bij snij- en zaagmachines, het werken met messen en het werken op hoogte leverden gevaar op. ‘Ik zag bedrijven waar ik niet vrolijk uit kwam’, zegt inspecteur Karel van den Werff als hij ten overstaan van een zaaltje met or-leden van vleesconcern Vion, ’s lands grootste vleesverwerker, de jongste inspectieresultaten bekendmaakt. De or-leden, werkzaam bij verschillende Vion-slachterijen, volgen in Utrecht een scholingsdag van FNV Formaat over de arbocatalogus voor de vleessector, die dit jaar van kracht wordt. De catalogus bevat een reeks technische en organisatorische maatregelen en zijn voor de or’s en de arbocommissies in de vleesbedrijven een handvat om risico’s te verminderen en veiliger werken te bevorderen.
Veel problemen worden veroorzaakt door de grote snelheid van de productieband en de werkdruk. ‘Er moet volume gedraaid worden. De veiligheid kan er dan bij inschieten’, zegt or-voorzitter Marcel ten Hoor van Vion in Scherpenzeel, waar delen van varkens worden verwerkt. De or ijvert al geruime tijd voor meer taakroulatie. Maar taakroulatie is niet populair. Er is verzet tegen. De meeste werknemers houden van vaste routines. Er zijn ook opleidingskosten mee gemoeid.
De slachterijen van Vion, maar ook van andere vleesbedrijven, worden tegenwoordig in grote mate bevolkt door Polen en andere Oost-Europese inleenkrachten. Daarnaast door Turken en Afrikanen die graag tempo maken en overwerken om hun minimumloon aan te vullen. Klagen over snijwonden of op tijd naar de dokter gaan is er meestal niet bij, signaleren or-leden van verschillende Vion-vestigingen. ‘Want wie verzuimt’, zegt ook FNV-bestuurder John Klijn, ‘wordt vergeten en maakt plaats voor een nieuwe Pool.’ Volgens de Arbeidsinspectie is de arbo- en veiligheidsvoorlichting aan de Oost- Europese werknemers echter over het algemeen goed. Al heeft inspecteur Van der Werff ook bedrijven gezien waar de instructies voor veilig werken op een verfrommeld A4’tje boven de wasbak hangen.
Henk Raafs, or-lid bij Vion-varkensslachterij in Boxtel en actief in de arbocommissie, vertelt dat een deel van het veiligheidsprobleem schuilt in het slagersvakmanschap dat langzaam verdwijnt. ‘In combinatie met de productiesnelheid aan de lopende band is dat een knelpunt. Ongevallen worden wel in het overleg met de or besproken, maar er zou structureel meer van geleerd moeten worden.’
Meer aandacht van leidinggevenden voor veilig werken zou al de nodige ongelukken schelen, vinden de or-leden. Ten Hoor: ‘Het ontbreekt hier aan een voorbeeldfunctie van leidinggevenden. Wie de ander aanspreekt op onveilig werken, krijgt de wind van voren, ook van de leidinggevende. Waarom geen sanctiebeleid voor leidinggevenden die met veiligheid een loopje nemen.’
FNV Bondgenoten-bestuurder John Klijn: ‘Arbo is in de vleessector, met in totaal 26.000 werknemers, traditioneel een onderschoven kindje. Daarbij heb je te maken met onmondige buitenlandse werknemers. Ik vrees dat de werkgevers zeggen: ‘Mooi zo’n arbeidscatalogus, maar nu even niet, want productie gaat voor’. Het gaat nu om de vasthoudendheid en het kritisch vermogen van de medezeggenschap om tot een andere veiligheidsmentaliteit te komen.’













